Leerlingzorg

Zorg voor elk kind
Zorg betekent: zorg voor elk kind. Het gaat erom dat het kind krijgt wat het nodig heeft om zich voortdurend te kunnen ontwikkelen op gebied van ‘hoofd, hart en handen’. Een brede en optimale ontwikkeling van het kind vraagt om een goed pedagogisch klimaat. De groepsleider is er in eerste instantie verantwoordelijk voor dat een kind zich veilig en op zijn gemak voelt. De sfeer in de groep, de manier van omgaan met elkaar, de uitstraling van de school en de schoolomgeving bepalen mede het klimaat van de school. Als kinderen met plezier naar school gaan ontwikkelen ze zich beter.

De organisatie
Om het bovengenoemde zo goed mogelijk te realiseren hebben we gekozen voor:

De stamgroep
Deze biedt vele mogelijkheden om zorg te kunnen geven met betrekking tot
– het uitgaan van verschillen (kinderen werken op verschillende niveaus);
– het helpen van elkaar (oudste/jongste);
– het tegemoetkomen aan de hulpvraag van het kind;
– de ruimte voor zelfontdekkend leren;
– een goed pedagogisch klimaat (geen competitiesfeer);
– de blokperiode (gelegenheid tot werken in eigen tempo en leerstof).
Een goede afwisseling in gesprek, spel, werk en viering
Deze pijler in het Jenaplanonderwijs biedt een breed beeld in het functioneren van kinderen.
Ook vanuit deze activiteiten kan op verschillende manieren de zorg aangeboden worden.
Een ononderbroken ontwikkelingslijn
Wanneer een kind nog niet toe is aan de volgende groep krijgt het extra tijd en blijft het een jaar langer in een bepaalde bouw. Het doet de leerstof dan niet opnieuw, maar gaat verder op het eigen niveau.

Speciale zorg voor kinderen met speciale hulpvragen
Onze zorg start daar, waar de ontwikkeling van een kind stagneert. Naar aanleiding van een kindbespreking of tussentijdse signalering, waaruit blijkt dat er hiaten zijn of een stagnatie is in de ontwikkeling die er mogelijk voor kunnen zorgen dat het kind niet goed mee kan komen met het niveau van de groep, stelt de groepsleider (in samenspraak met de intern begeleider) een handelingsplan op. Naar aanleiding van dit plan wordt het kind extra ondersteund binnen de groep. Soms wordt er buiten de groep mogelijkheden voor extra hulp gecreëerd, zoals oefeningen met de computer, tutorleren, extra lezen of uitleg door een onderwijsassistent of dyslexiespecialist. De begeleiding wordt eens in de zes tot acht weken geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. Wanneer de ontwikkeling blijft stagneren en er minimaal twee manieren zijn geprobeerd om het kind weer op het juiste niveau te krijgen, kan de intern begeleider de hulp inschakelen van de orthopedagoog van de vereniging. Zij kan een observatie doen, of onderzoek uitvoeren. Hier is altijd de toestemming van de ouders voor nodig. De orthopedagoog geeft adviezen waar de school mee aan de slag gaat.

Blijkt dat ook deze adviezen niet het gewenste effect geven, dan is er de mogelijkheid om het samenwerkingsverband waar de school aan verbonden is, mee te laten kijken en te laten bepalen of deze school de juiste ondersteuning kan bieden. Het kan zijn dat een school voor speciaal (basis)onderwijs een betere optie voor het kind is. De aanvraag voor verwijzing loopt via het samenwerkingsverband.

Soms kan de optie zijn dat het kind op de Krullevaar kan blijven en het samenwerkingsverband extra gelden ter beschikking stelt (middels een arrangement), zodat het kind meer ondersteuning kan krijgen dan de basisondersteuning van de school kan bieden. Deze gelden kunnen ingezet worden voor een onderwijsassistent of materialen. Het arrangement heeft een beperkte duur en geldt niet voor de hele schoolloopbaan. De school kan verlenging aanvragen, maar moet dit goed onderbouwen.

Dyslexie
Op de Krullevaar is een taal- en dyslexiespecialist aanwezig. Aanvragen voor een dyslexieverklaring bij een verzekeringsmaatschappij en begeleiding in of buiten de groep wordt door haar verzorgd in samenspraak met de eigen groepsleider.
Bij kinderen met dyslexie doen we, zo nodig, de volgende aanpassingen bij toetsen:
– meer tijd voor het maken van het werk;
– in een rustige ruimte laten werken;
– het lettertype vergroten;
– de toetsen voorlezen;
– de schooleindtoets voor 8ste jaars middels een computerprogramma laten maken.